Zaterdagochtend 19 maart, een prachtige lentedag trouwens, werd de gerenoveerde stelplaats van De Lijn in Ukkel (Kalevoet) officieel geopend. Geen lintjes deze keer, maar een heuse boomplanting. En dat is niet toevallig want de gerenoveerde stelplaats werd aangepast aan de huidige ecologische normen.
Er is een nieuwe tankstraat met een vloeistofdichte vloer en een nieuwe ondergrondse tank. Verder is ook de loods vernieuwd en voorzien van een nieuwe wasinstallatie die gebruik maakt van regen- en recuperatiewater. Het dienstgebouw werd geïsoleerd volgens de nieuwe normen zodat het energieverbruik drastisch zal dalen.
Met deze stelplaats toont de Lijn aan dat ze wil investeren in de Brusselse mobiliteit. Dat kan ik alleen maar toejuichen. Brussel is immers geen eiland waar het openbaar vervoer begint en eindigt aan de gewestgrenzen. In tegendeel zelfs. Om de doelstellingen van ons gewestelijke mobiliteitsplan IRIS2 te verwezenlijken (20 % minder autodruk tegen 2018) is het daarom heel belangrijk dat de vervoersmaatschappijen binnen Brussel gaan samenwerken, meer complementair worden.
Het potentieel is er, het moet alleen nog meer benut worden. De gebruiker ligt tenslotte niet wakker van "welke maatschappij" hem vervoert, of hoe de verbinding of een overstap technisch best kan gemaakt worden. Hij wil vervoerd worden op een zo efficiënt mogelijke manier. We moeten in de toekomst dan ook meer gaan denken in functie van die gebruiker.

